Artikel 33 Archiefregeling 2009

Uit ArchiefWiki
Ga naar: navigatie, zoeken

Tekst[bewerken]

Artikel 33. Kabels, leidingen en kanalen

  1. Kabels, leidingen of kanalen zijn slechts toegestaan
    a. als opbouw; en
    b. voor noodzakelijke voorzieningen in de archiefruimte of archiefbewaarplaats zelf.
  2. Voor zover een noodzakelijke voorziening zich in een compartiment bevindt, worden de daarvoor benodigde kabels, leidingen of kanalen niet door het overige gedeelte van de archiefruimte of archiefbewaarplaats gevoerd.


Toelichting[bewerken]

Alleen kabels, kanalen en leidingen die voor de archiefruimte of -bewaarplaats zelf van belang zijn, zijn toegestaan. Andere, niet voor de archiefruimte of -bewaarplaats bedoelde doorvoeringen zijn niet toegestaan. Deze vormen een extra risico. Elke doorvoering is bovendien een aantasting van de brand- en waterwerendheid van de scheidingsconstructies en vormt hiernaast een risico voor klimaatbeheersing, indringing van micro-organismen, enzovoorts.Bij opbouw kan men vaststellen of de doorvoering hoog door de wand en niet door het plafond plaatsvindt. Dit laatste kan tot waterschade leiden bij wateroverlast op een hoger gelegen verdieping.

Opmerkingen[bewerken]

vorige:
Artikel 32
Archiefregeling 2009
H4 Algemene voorschriften voor de bouw en inrichting van archiefruimten en -bewaarplaatsen
§2 Voorschriften in verband met de veiligheid
volgende:
Artikel 34